Evangelieprikje kruisverheffing

 

De eerste lezing van vandaag heeft iets van een superman of Mega-Mindy-gehalte. Een slangenplaag teistert de Israëlieten en ze leggen zelf de link tussen die plaag en hun gemor tegenover God. Na een gebed tot God kan Mozes redding brengen door zo’n slang omhoog te steken. Mooi verhaal, maar we hebben het er  als mensen van onze tijd toch wel moeilijk mee. Niet alleen met de magie van het verhaal, ook met gedachte dat God mensen zou straffen omdat ze morren. Vraag is natuurlijk of de straf van God komt, beter nog: of het wel een straf is. Het is het volk zelf dat het verband legt tussen de slangen en het gemor. Mozes spreekt het niet tegen, maar misschien legt men hier wel een link die er eigenlijk geen is. En dan komt de oplossing voor het probleem. Het doet me wat denken aan iemand die zijn kater bestrijdt met datgenen wat hem dronken gemaakt heeft. Hier moet het volk kijken naar een slang die Mozes omhoog steekt om gered te worden.

In het evangelie van vandaag verwijst Jezus naar dit verhaal. Hij doet dat in een gesprek met Nikodemus. Het ganse gesprek is bijna pure theologie, maar wat kunnen wij er nog mee aanvangen? Eerste belangrijke zin volgens mij is dat God Zijn Zoon niet gezonden heeft om de wereld te veroordelen, maar wel om te redden. Het is niet alleen een correctie van het godsbeeld in de eerste lezing, het is een grondhouding die alle gelovigen zich eigen zouden moeten maken. Wij hebben het geschenk van het geloof ontvangen maar dat betekent geenszins dat we ons beter moeten voelen dan de anderen en al helemaal niet dat we het recht hebben om mensen te veroordelen. We hebben al helemaal het recht niet dat in Gods naam te doen. Alle extremisten die dat wel doen, misbruiken Gods naam. Hier blijkt nog eens duidelijk dat God leven wil aanbieden, en niet de dood. Als wij als gelovigen het evangelie willen doorgeven, moeten we dat dus ook doen als een liefdesaanbod, niet als een leer met geboden en verboden.

Maar er zit meer in. Zoals de slang omhoog gestoken werd, zo zal ook de Mensenzoon omhoog geheven worden. Dat gebeurt – hoe onwaarschijnlijk ook – door de vernedering van die Mensenzoon aan het kruis. Door die kruisdood mag ieder wie gelooft in Jezus eeuwig leven verwachten. Wat een goed nieuws. Uiteindelijk draait het in ons geloof eigenlijk om dit: geloven wij in Jezus Christus? Het is zeer gemakkelijk om daar volmondig “ja” op te zeggen, het alle dagen beleven is al wat minder evident. Durven wij als we in de problemen zitten opkijken naar het kruis? Wat betekent geloven in Jezus vandaag?

In heel wat christelijk-geïnspireerde scholen en instellingen is het christelijk geloof gereduceerd tot het beleven van christelijk waarden. Dat is uiteraard een mooi beginpunt, maar als ik vraag wat die christelijk waarden zijn, dan verbaast het mij toch dat “geloof” niet opgenoemd wordt. Als we het evangelie van vandaag en ook veel andere Bijbelteksten er bij nemen, dan lijkt het nochtans wel over die ene waarde te gaan, de andere waarden volgen er uit. Wie probeert echt te geloven, legt eigenlijk zijn leven in handen van God. Ik schrijf proberen want het is niet eenvoudig, we hebben ons leven graag onder controle, veel mensen zijn daar echt controlefreaks in geworden. Hoe zalig is het om ’s avonds bij het slapengaan al je zorgen en problemen in Gods hand te mogen leggen, en ’s anderendaags je dag op te kunnen dragen aan God. Dat klinkt heel mooi, maar het vraagt een enorm vertrouwen om dat ook te kunnen doen.  Dat geldt zeker voor de periodes in ons leven waarin het moeilijk gaat. Als we het leven uit onze handen voelen wegglippen, dan doen we alles om het weer in handen te krijgen, daar is niks verkeerd mee, maar durven we ook vertrouwen op God? Vertrouwen op God betekent dan niet dat je bijvoorbeeld niet meer luistert naar dokters, maar wel dat je er ook op vertrouwt dat God met je meegaat, wat er ook moge gebeuren. Vooral in die omstandigheden is het goed op te kijken naar het kruis, teken van schijnbare godverlatenheid. Schijnbare godverlatenheid, want uiteindelijk heeft God deze vernederde man doen opstaan en hoe.  Dat zou ons moeten sterken om te blijven geloven dat God ook ons wil redden, zeker als het moeilijk is, zelfs als God ons lijkt in de steek gelaten te hebben.