Sympathie in plaats van beschuldigingen

×

Waarschuwing

JUser: :_load: Kan gebruiker met ID: 233 niet laden

Toen Johannes XXIII nog bisschop van Venetië was, hoorde hij op een dag, dat een priester van zijn bisdom aan de drank was geraakt. Johannes wilde hem een bezoek brengen, maar de priester liet hem zeggen dat hij niet thuis was. Omdat de bisschop hoed en jas zag hangen, drong hij toch aan om binnen te mogen. Bij hem gekomen zei Johannes: 'Ik zou willen biechten'. Wij zouden zo iemand eens de les lezen of hem naar een therapeut sturen of hem tenminste aanraden een ontwenningskuur te doen. Als hij weigerde, zouden we hem als een hopeloos geval beschouwen. Nu wil ik niet zeggen dat die hulp niet nodig is, maar ze is dikwijls vernederend. Hoe gemakkelijk raakt zo'n mens dan niet dieper in de put? Wij geloven toch niet dat een alcoholist - om maar bij dit voorbeeld te blijven - zelf niet weet waar hij aan toe is. Hoe dikwijls heeft hij de stap al willen zetten om ervan af te raken, maar hij kan het eenvoudigweg niet. Misschien toch wel, als hij een mens ontmoet zoals Johannes. Hij kwam niet naar de zieke priester om hem de waarheid te zeggen. Hij kwam ook niet aandringen hoe het moest. Hij kwam als broer, als mens en als priester. Johannes maakte hem duidelijk dat ieder mens van God vergeving nodig heeft.

God is een God van genade en ontferming. Daarom: oordeel niet en ge zult niet veroordeeld worden. De overtuiging dat God alleen rechter is over levenden en doden schept de ruimte waarin Johannes en de priester elkaar konden ontmoeten. Johannes maakte het evangelie van vandaag waar.

De schriftgeleerden waren mannen van de wet en daarom wilden zij de vrouw stenigen. Want zo is de wet en volgens de wet moest de vrouw sterven. Dezelfde wet gold ook voor de mannen. Waarom nemen ze dan de vrouw en laten zij de man vrijuit gaan?

Jezus blijft opvallend rustig. Die toepassing van de wet aanvaardt Hij niet, Hij laat niet toe dat die vrouw het slachtoffer wordt van die mannen en hun recht. 'Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen!' Het klinkt als een beschuldiging en zij worden er zich van bewust dat zij in hetzelfde schuitje zitten. Zij staan in geen geval torenhoog boven die vrouw. De kern van de wet is niet: anderen aanklagen en veroordelen. Het is de balk zien in je eigen oog. Wij hebben er toch wel een beetje leedvermaak in als ze een voor een wegtrekken, de oudsten het eerst. Wij verheugen er ons over dat Jezus hen zo schaakmat zet. Maar... binden wij de anderen soms niet even vlug aan de schandpaal? Degraderen ook wij de anderen tot een ‘geval' omdat wij het liefst op de anderen vastgestelde wetten toepassen? Wij mogen niet met stenen gooien als we zelf in een glazen huisje zitten. Wij mogen niet de zedenprediker uithangen, terwijl wij in hetzelfde schuitje zitten. Wij mogen niet van anderen de volmaaktheid verlangen, terwijl er in ons leven nog zoveel is dat het daglicht niet verdragen kan.

Toch wil ik geen misverstand wekken. Jezus verontschuldigt de vrouw niet. Onrecht blijft onrecht. En wat zwart is noemt Jezus niet wit. Maar Christus handelt volgens het principe: het kwaad met alle middelen bestrijden, maar anderzijds de mens die kwaad doet respecteren, hem niet vastpriemen op zijn verleden, hem een nieuwe kans geven. Jezus laat de laatste vraag naar recht of onrecht aan God over. Hij wil niet beschuldigen of verontschuldigen. Hij maakt alleen duidelijk dat God alleen rechter is over de mensen en dat wij allen zondaars zijn.

Jezus komt tussenbeide waar mensen menen elkaar te mogen beschuldigen of veroordelen. Jezus laat de vrouw voor wat ze is. Hij spijkert ze niet vast op haar verleden. Hij laat voor haar nog een nieuwe mogelijkheid open en een nieuwe toekomst: 'Ga heen en zondig niet meer.'

Zo moeten we de wet van God verstaan. God wil dat mensen kunnen leven, dat er voor ieder mens hoop is. Ieder mens is de moeite waard en mag eerbied van de anderen verwachten. Alleen in een klimaat van liefde en meevoelen is er vergeving en genezing mogelijk.